Welkom bij Barbara Driessen

Welkom bij Barbara Driessen

Artikel in het vakblad Stroom

Over relaties

Barbara: “Ik begeleidde in mijn praktijk gedurende langere tijd relaties tussen en van hooggevoeligen. Ik deed dit op diverse niveaus, te weten: emotioneel, mentaal, somatisch en spiritueel. Ook deelde ik in, in vijf soorten relaties, ieder met hun eigen kenmerken. Zo kwam in mijn boek het hoofdstuk over relaties tot stand. Hierin schijf ik: Wanneer je jezelf bewust wordt van de relatie die je hebt met elk van de vijf genoemde, en welke eigenschappen, krachten en krachten en leerpunten hierin schuilen, de mogelijkheden daarin, kun je jezelf vrijwel altijd afstemmen op de verbindende energie die voedend is binnen elk contact.

Er zijn diverse soorten relaties maar de relatie met de levenspartner, is voor de hedendaagse mens en vooral de hooggevoelige, de grootste kracht en tevens de grootste valkuil. Een uitdaging dus.

Soorten relaties.
1. De relatie die je hebt met jezelf;
2. De relatie die je hebt met de ander, je medemens;
3. De relatie tot het leven, de zingeving. (werk etc)
4. De relatie met de natuur
5. De relatie die je hebt met het Goddelijke

1. De relatie die je hebt met jezelf. Deze relatie bestaat voornamelijk uit eigenwaarde, met als belangrijke aanvullingen: Introspectie, Relativeerkracht, Humor, Zelfreflectie. Volgens mij bestaat een “gezonde”eigenwaarde uit vier belangrijke aspecten en wel: Zelfbesef: Zelfbesef houdt in dat je beseft dat je gevoelens en lichamelijke behoeftes hebt. Bij alles wat je doet, ben je bewust van deze gevoelens, emoties en behoeftes als delen van jezelf. Zelfaanvaarding: Zelfaanvaarding betekent dat je het totaal aan kenmerken van je persoonlijkheid accepteert zoals ze zijn Zelfbewustzijn: Zelfbewustzijn is je bewust zijn van het feit dat je evenveel recht hebt als ieder ander om er te zijn Zelfverantwoordelijkheid: Zelfverantwoordelijkheid wil zeggen dat je beseft dat alleen jij - en niemand anders - verantwoordelijk bent voor dat wat er in je leven gebeurt.

Oefening: benoemen en voelen. Op vrijwel iedere situatie reageren we vanuit een oud patroon dat ooit ontstaan is en dat we kennen. Dat gebeurt razendsnel in secondes. Om te veranderen en anders met de situatie om te gaan kunnen we het vier tellen patroon van hieronder benutten. In de eerst tel is er de oude reactie als een reflex. In de tweede tel is er de lijfelijke bewustwording In de derde tel is er de gedachte daarover En in de vierde tel komt het handelen afhankelijk van de gedachte in tel 3. Het moment tot verandering zit in tel drie. Als je de gedachte verandert, verandert de toekomst. Door andere gedachten toe te laten haal je de angst of spanning van een situatie weg.

2. De relatie die je hebt met de ander, je medemens. Door onzelfzuchtig te zijn handel je in je eigen belang, zegt een Indiase paradox. De meeste relaties ontstaan uit eigen belang. Eigenbelang heeft niks met egoïsme te maken. Je handelt vanuit je eigen belang, en houdt daarbij in de gaten wat het belang van de ander is. Zo is de relatie als een soort kasboek. Je zoekt iets in de ander vanuit het niveau waarop je zelf functioneert. In iedere communicatie over en weer, in ieder contact met de ander, is het goed om proberen afstand te nemen van eigen subjectiviteit en vooroordeel en objectief ( voor zover mogelijk) de ander gelegenheid geven om na te denken, te praten over zichzelf en met de ander mee te denken. Als dit in harmonieuze wisselwerking mogelijk is, dan is er sprake van een vruchtbare relatie in wederkerigheid.

Oefening: samenspel. Ga samen met iemand achter een vel papier zitten, ieder heeft een gekleurd potlood. Om beurten zet je een vorm/streep/figuur op papier en ziet wat er ontstaat in de uitwerking. Je kunt dit blanco doen, zonder onderwerp, maar je kunt ook vanuit een thema samen tekenen. Daarna kun je de tekening verder afmaken.

3. De relatie tot het leven, de zingeving. (werk etc) De meeste van ons kunnen optimaal functioneren in een omgeving die arm is aan prikkels en waar een rust van uitgaat. Bewust levende mensen kunnen moeilijk tegen tijdsdruk en deadlines. Ook vinden zij het lastig als iemand hen controleert of op de vingers kijkt. Sensitieve mensen kunnen soms heel lang de schijnbare harmonie in een vriendschap of werksituatie in stand houden door gebrek aan eigenwaarde, maar eenmaal tot helderheid gekomen, houden ze niet van halfslachtigheden. Ze zijn echter eerder geneigd om een beschuldigend vingertje naar zichzelf op te steken, dan naar anderen

Oefening: zin geven. Zet willekeurig, met gesloten ogen, 20 stippen op een vel papier. Zie daarna de stippen als je mogelijkheden. Trek van stip naar stip, lijnen . Zie hoe zich langzaam een kristal ontwikkelt.

4. De relatie met de wereld. Ontwikkeling van mededogen, realiteitszin en empathie In het individualisme is de moderne mens te veel doorgeschoten en heeft daardoor verloren aan gemeenschapszin. Toch is de mens een relationeel wezen dat in contact staat met zijn medemens. In dat contact treedt bij mededogen in de omgang met de ander een vorm van gelatenheid op. De ware betekenis hiervan is: laten zijn, laten worden, laten gebeuren en laten komen. Dit is geen berusting maar een vinden van een eigen plek binnen het grote geheel. Beelddenkers hebben veelal de neiging hebben om sterke persoonlijkheden te bewonderen, te idealiseren, op een voetstuk te plaatsen, vergelijkingen te gaan trekken die niet met eigen persoonlijkheid stroken of ermee in harmonie zijn, wat leidt tot onrealistische situaties, verlies van realiteitszin en frustraties. Zij moeten hun kracht zien te vinden in wat en wie ze zijn, niet in wat ze denken dat ze moeten zijn of wat anderen aan hen voorspiegelen.

Oefening: de spiegel. Neem een groot vel papier. Deel het doormidden met een streep. Links ben jij, rechts is de wereld. Zet links een deel van een figuur, daar na hetzelfde rechts maar dan in spiegelbeeld. Herhaal het rechts nog 3 keer. Dan weer links een figuur en weer echts drie keer herhalen in spiegelbeeld. Oefen hiermee tot er patronen ontstaan die je begrijpt.

4. De relatie tot de natuur. Deze relatie is gebaseerd op een ontvankelijke innerlijke houding ten opzichte van al het omringende. Wij zijn een deel van de natuur en de natuur is een deel van ons. Je kunt de natuur opgebruiken door haar uit te buiten en te beroven maar je kunt daar wat aan doen wanneer je VIND dat je er wat aan kunt doen. Dan verander je je houding naar de natuur van consument naar deelnemer, in ontvankelijkheid en zintuiglijke openheid. Dit geeft het bestaan een vorm van puurheid.

Oefening: de boom. Teken een boom met een aantal takken. Iedere tak benoem je daarna als een kwaliteit van jezelf. Bijvoorbeeld: de luistertak, de blijheidstak. Etc.

5. De relatie die je hebt tot het Goddelijke. De relatie met het universum of het goddelijke bestaat uit aanvaarding, openheid, toewijding en respect. Als je een goede relatie hebt met jezelf, komt dat in de relatie met de ander tot uitdrukking. Ook is het zo, dat een goede relatie met de ander verdieping geeft in jezelf en je verrijkt. Een goede en creatieve relatie met de wereld om je heen opent de weg naar bewustwor¬ding en geestelijke groei. Op horizontaal gebied kun je relaties hebben MET die ander en dat andere. Op Verticaal gebied kun je alleen maar de relatie hebben TOT, in alle bescheidenheid. De relatie tot het goddelijke uit zich in de relaties die je heb in het aardse. Oefening: Mantra Neem de mantra AUM. Reciteer die een aantal keren. Daarna probeer je of je hetzelfde op papier kunt doen. Steeds op de uitademing AUM in golven op papier zetten.

Tot slot: hiermee heb ik willen laten zien hoe belangrijk een goede relatie tussen de binnenwereld en de buitenwereld is. In het boek leg ik regelmatig verbindingen tussen hoogsensitiviteit en overgevoeligheid. Juist omdat relaties onze spiegels zijn, kunnen zij ons vertellen hoe we leven op emotioneel, mentaal, somatisch en spiritueel niveau en ze kunnen daarin stimulerend en voedend zijn.

Reageren hierop is van harte welkom!